Buiten mij om (nevelstenen)

Geen ding is waar het woord ontbreekt. 
Stefan George

1
los van mij, ja buiten mij gaat alles door en om
niets heeft mij nodig, dagen groeien uit zichzelf

daar begint het: hoe maak je stenen uit nevel? 
werkelijkheid wat werkt, wereld het ongetelde 
totaal van spullen in de vensterbank

ben ik lijf of ik van taal? besta ik zonder naam? 
heeft gebrek een beweging en wat liefde?

zijn een woord: een kale sprong in niets waar 
bloemen bloeien tot ze doodgaan

ik leg mijn ogen op een boomtak buiten 
loens de kamer in, hoe ik binnen een blad
in de stoel bij het raam omsla

zie ik nu hoe jij mij ziet? los van wat niet is?

2
we brachten schelpen tot boven de boomgrens
spoelden schoon in bronwater en lieten ze gaan

we hurkten in het laatste gras, dichter bij de rand
het zand uit onze zakken leegden we boven wolken
tot het maanden later pas terugviel op het strand

3
hoe je omarmt en nodigt: mij inlijft 
buiten alles om bij jou te slapen, zo
vanuit niets dan geraamte van ruimte
in onafscheidelijk getij, ademen, zo
wordt het woord tot stilte gemaand, zo
rekt een seconde zich gapend uit